• Historie

    In 1967 waren er drie mannen, namelijk Arie Groenenberg, Frank van Duuren en Gijs Kok, die bedachten dat ze wel eens wilden gaan sporten in de zaal van Custwijc. Op dat moment was er alleen maar voetbal en zij vonden dat ze wel konden gaan volleyballen.

    Dit werd besproken met de toenmalige burgermeester en die opperde dat er dan wel een trainer aangesteld moest worden. Deze werd gevonden in de persoon van de Heer Quaak, die wel sportief was aangelegd.

    In Juli van dat jaar werden de eerste trainingen georganiseerd op de woensdagavond. Van de instuifavond werden een net en een leren bal geleend en onder begeleiding waren jongens en meisjes met de sport volleybal bezig.

    In September ’67 bleek de animo zo groot, dat de volleybalclub werd opgericht. DVC (Driebrugse Volleybal Club)  werd de naam. Er werd een tijdelijk bestuur opgericht en in Februari 1968 kwam het definitieve bestuur tot stand. Destijds bestond dat uit Dhr. Quaak (voorzitter),  Mevr. Kleinloog, Frank van Duuren, T. Bout, Mej. L.v.Vliet, Mej. A.v.Dorp en Gijs Kok.

    Het inleggeld destijds was 1 gulden. Voor dat geld was je lid van de vereniging. Je betaalde daarnaast elke trainingsavond je contributie  die bestond uit 35 cent.

    Om wedstrijden te gaan spelen was het noodzakelijk dat er lijnen werden getrokken op de vloer. Het zaaltje in Custwijc was een feestzaal met een houten vloer. Er werd dus een brief gestuurd aan het stichtingsbestuur met de vraag of er lijnen mochten worden aangebracht. Ook werd er gevraagd of, op de trainingsavond, de stoelen uit de zaal weg konden. Het antwoord kwam: de lijnen mochten met cellotape worden aangelegd, maar voor de stoelen was helaas geen oplossing ! (die moesten dus gewoon blijven staan!)

    Op 28 Juni 1968 telde DVC al 48 leden en 38 donateurs.

    Ook in het verleden had DVC al problemen met hun zaalruimte. In het seizoen 76/77 werd er buiten de deur getraind en gespeeld door de heren en dames omdat het zaaltje in Custwijc geen ontheffing kreeg voor het spelen in de eerste klasse. Er werd eerst in Nieuwerbrug getraind en gespeeld en daarna werd er uitgeweken naar de Eiber in Oudewater. Het zaaltje in Driebruggen had, zoals reeds gezegd, een houten vloer. Bezoekende teams noemden ons zaaltje "de kerk". De zaal was 4 meter te kort, 4 meter te smal en 1,5 meter te laag. In 1978 werd er besloten om zowel het heren- als damesteam terug te zetten naar de tweede klasse, zodat er weer in Driebruggen gespeeld kon worden. Dit werd gedaan omdat er teveel verdeeldheid binnen de club kwam, want het publiek kon niet bij de thuiswedstrijden zijn.

    In 1979 ging de vrije tijd (nu recreanten) voor het eerst deelnemen aan de competitie. In 1980 werden de plannen voor een nieuwe sporthal waarheid. Er werd een sportzaal achter de kroeg gebouwd, die passend was in het omliggende landschap. Er werd ook aan een tribune gedacht voor het publiek. Bovendien kwamen er ramen in de zaal, zodat je de polder in kon kijken. Bij de bezoekende clubs, waren we daardoor al snel "die zaal met die koeien". De teams gingen steeds hoger spelen en er kwamen mensen van buitenaf bij. Het niveau van DVC schommelt al een aantal jaren. Ook het aantal teams varieert; zo zijn we zijn van 3 herenteams naar 0 gegaan en hadden we er in het verleden weer 2. Al met al heeft DVC nu ongeveer ca. 120 leden. (4 damesteams, 3 recreantenteams (1 dames, 2 mix) 4 jeugdteams, 3 miniteams)

    Inmiddels hebben we sinds 2010  wederom  een nieuwe sporthal, nu met 2 volleybalvelden en een  centercourt, waar we hard voor hebben moeten strijden en zelf veel werk aan hebben gehad.

    Kortom, DVC is een bloeiende vereniging met een warm dorpshart, waar sporten en plezier hoog in het vaandel staan!